Hoe geven leraren in Amerikaanse scholen die een kennisrijk curriculum implementeren, vorm aan hun begrijpend-leesonderwijs? Op basis van uitgebreide klasobservaties in 24 basisscholen kwamen Reynolds e.a. (2025) tot bijzonder waardevolle inzichten. Een van de meest opvallende was dit: ook al werkten alle geobserveerde leraren met teksten die goed ingebed zaten in een kennisrijk curriculum, toch focuste in liefst 2/3 van de lessen de interactie van de leraar met de leerlingenn enkel op oppervlakkig begrip van de tekst, en niet op diepgaand begrip of rijke kennisverwerving.
Kansen voor diepgaande, denkstimulerende interactie aan de hand van teksten waren er niettemin genoeg. De meerderheid van de geobserveerde leraren werkte dagelijks met inhoudelijk uitdagende teksten die de leerlingen moesten begrijpend lezen. De geobserveerde lessen bleken ook interactief, in de zin dat de leerlingen uitgenodigd werden om actief te participeren aan de klasinteractie. Helaas focuste de interactie in 2/3 van de lessen op het identificeren en benoemen van elementen die letterlijk in de tekst waren te vinden. Dat soort “surface-level-work” wordt door de onderzoekers gecontrasteerd met student work dat kan leiden tot “robust understanding”: bij dat laatste moeten leerlingen verbanden leggen tussen diverse ideeën in de tekst en een mentale representatie van de gedachtengang in de hele tekst opbouwen. Bij surface-level-work wordt aan leerlingen bijvoorbeeld gevraagd wat een personage in de tekst doet; robust understanding houdt in dat een leerling ook uitgedaagd wordt om in dezelfde tekst allerlei elementen te combineren om te achterhalen waarom een personage dat doet. Surface-level-work betekent dat een leerling kan benoemen in welk jaar een veldslag plaatsvond (die in een tekst wordt beschreven); robust understanding daagt leerlingen uit om de tekst diepgaander te analyseren om zoveel mogelijk te weten te komen over het complexe samenspel van factoren die tot de veldslag leidden.
Algemene pedagogische strategieën zoals het mobiliseren van voorkennis van de leerlingen, het geven van feedback of het aanzetten van leerlingen tot tekstanalyse bieden volgens de onderzoekers geen garantie op hoog-kwalitatieve interactie. Als de voorkennis of feedback beperkt blijft tot louter oppervlakkige feiten die letterlijk in de tekst worden vermeld, leiden ze niet tot diepgaand begrip, rijke interactie of verregaande kennisverwerving. Dat lijkt me pas een wijze les: het is de leraar die de bovenstaande strategieën kan inzetten om de “big ideas” en de complexe gedachtengangen in de tekst te analyseren, en dat samen met de leerlingen kan doen in een rijk co-constructief gesprek. Dat resoneert met wat Mercer “exploratory talk” heeft genoemd.
De onderzoekers formuleren op basis van hun studie een aantal aanbevelingen:
- Schoolteams doen er goed om een schoolbrede visie rond “robust understanding” te ontwerpen zodat alle teamleden goed weten wat het doel is van begrijpend-leesonderwijs en wat een diepgaande bespreking van een tekst inhoudt.
- Leraren hebben nood aan professionaliseringskansen op dit vlak. Van leraren wordt op dit vlak overigens veel verwacht, benadrukken de onderzoekers. Ze moeten ten eerste zelf inhoudelijk sterk staan rond de behandelde onderwerpen en daarnaast de didactische competenties hebben om diepgaande, denkstimulerende gesprekken met leerlingen op te zetten, en daarbij de tekst als bron te analyseren.
- De onderzoekers pleiten voor video-gebaseerde nascholingen waarbij leraren kunnen leren van collega’s die sterk staan op het vlak van deze vorm van interactie. Ook sterk uitgewerkte observatieschema’s voor het analyseren van klasinteractie kan leraren helpen.
De resultaten bevestigen overduidelijk het belang van de sleutel interactie in de 5 sleutels van krachtig begrijpend-leesonderwijs die wij destijds in de VLOR-studie identificeerden: ook in die studie wezen wij op het belang van een diepgaande bespreking van de tekst, en wezen wij erop dat die interactie typisch plaatsvindt in de gesprekken tussen leraar en leerlingen over de tekst. Ook toen suggereerden we al dat deze sleutel wellicht degene is die het meest als vanzelfsprekend wordt beschouwd…
Als uitsmijter is het fijn om vast te stellen dat de Amerikaanse onderzoekers refereren naar Vlaamse experts op het vlak van begrijpend-leesonderwijs (in dit geval Hilde Van Keer, met wie ik destijds het VLOR-project van de 5 sleutels superviseerde).
Meer lezen?
Reynolds, D., Rutherford-Quach, S., Cassidy, L., Jennerjohn, A., & Woodworth, K. (2025). Beyond the surface: Leveraging high-quality instructional materials for robust reading comprehension [Learning brief]. SRI.