Bij heropening scholen: 6 taaltaken voor het 6de leerjaar basisonderwijs en 6 voor het 6de jaar secundair

Vallen strikte veiligheidsvoorschriften te rijmen met goede didactiek? De onderstaande lesideeën zijn alvast een poging: gelinkt aan de eindtermen, uit te voeren in een anderhalvemeterklas, vertrekkend vanuit taaltaken maar ook vakoverstijgend, hopelijk inspirerend, en met veel dank aan Gino Bombeke voor de feedback en aanvullende suggesties.

Eerst de lesideeën voor het 6de leerjaar basisonderwijs

  1. Klasgesprek: De leerlingen krijgen eerst de kans om te vertellen over de belangrijkste dingen die zij tijdens de lockdown hebben geleerd of meegemaakt. Ze kunnen dat eventueel doen aan de hand van een voorwerp dat ze van thuis hebben meegebracht. De leerkracht projecteert vervolgens een aantal antwoorden van 11 à 13-jarige leerlingen die meededen met het project “De 5 vragen” (de5vragen.com): wat hebben zij geleerd over geluk, over wat echt telt in het leven, over goed onderwijs, over corona? De leerlingen mogen mondeling reageren op die bijdragen, bijvoorbeeld als ze zich daarin herkennen, als ze iets gelijkaardigs hebben ervaren of als ze iets willen aanvullen. Eventueel kan aan de leerlingen de huistaak worden gegeven om schriftelijk op 3 van de 5 vragen (naar keuze) te antwoorden en hun schriftelijke antwoord aan de leraar te bezorgen of op de website van de 5 vragen te publiceren.
  2. Mythes ontmaskerd! (Begrijpend lezen, spreken, luisteren, schrijven, wetenschappen): De leerlingen krijgen twee informatieve teksten: eén tekst waarop 7 mythes over het coronavirus staan, en een tweede tekst met een beschrijving van virussen op basis van wetenschappelijke kennis (zie voor bruikbare links onderaan dit artikel). De leerlingen worden uitgedaagd om minstens 3 mythes zo helder en overtuigend mogelijk met argumenten uit de wetenschappelijke tekst te weerleggen. De teksten en mythes worden klassikaal besproken. Per mythe neemt 1 leerling het voortouw, de andere leerlingen vullen aan. De leerkracht modereert en speelt advocaat van de duivel. Hij wijst ook steeds naar de teksten als de leerlingen niet goed gelezen hebben. De leerlingen kunnen nadien hun inzichten verwerken in een diapresentatie, videoclip, affiche, of poster voor de kinderen van het vijfde leerjaar die niet naar school mogen komen. Zo kunnen ze hen (en hun ouders) waarschuwen voor de mythes!
  3. Nooit meer dt-fouten! De leerlingen gaan hun eigen DT-KAART maken. Daarop staan gouden tips om nooit meer dt-fouten te maken. De leerlingen proberen elkaar in een klasgesprek eerst mondeling een gouden tip te geven of het algoritme van de werkwoordspelling op een kindvriendelijke manier te verwoorden. De leraar verzamelt goede ideeën op het bord. De leerlingen ontwerpen vervolgens op basis van de mondelinge brainstorm een eerste versie van hun eigen DT-kaart. De leraar geeft feedback. Thuis mogen de leerlingen de kaart mooi versieren en vormgeven. Ze maken een foto en posten die op de digitale leeromgeving, zodat ook de andere leerlingen van de klas en ook andere leerlingen van de school daarnaar kunnen kijken.
  4. Schrijven voor je helden (schrijven, lezen): De leerlingen mogen hun creativiteit de vrije loop laten en schrijven een tekst aan een van hun helden: dat kunnen verplegers, dokters, grootouders, postbodes, of wie dan ook zijn. Het is de bedoeling dat die tekst (die geïllustreerd mag zijn) ook echt wordt bezorgd, dus moet de tekst ook op vorm en spelling netjes worden afgewerkt. Leerlingen vragen tussentijds feedback van medeleerlingen en de leerkracht. Een alternatief is dat de leerlingen samen in de klas een virtuele coronavariant van een “grootoudersfeest” bedenken. Ze moeten vervolgens een uitnodiging of aankondiging schrijven voor hun eigen grootouders. Vooraleer ze dat doen, denken ze samen na over de criteria voor een goede aankondiging of uitnodiging. Dat doen ze door samen 3 schriftelijke uitnodigingen voor een traditioneel grootoudersfeest (bv. van vorig schooljaar en van verschillende kwaliteit) te beoordelen. Die criteria gebruiken de leerlingen om hun eerste versie van hun uitnodiging te creëren. De leraar geeft offline of online feedback. De leerlingen versturen hun uitnodiging echt. Nog een alternatief is dat de leerlingen een brief schrijven aan hun grootouders met een verslag van hun eerste schooldagen.
  5. Iedereen leest (lezen, lezen, lezen): De leraar last een kwartier vrij lezen in. De leerlingen kiezen elk een boek uit de klas- of schoolbib en de leerlingen lezen er 15 minuten in stilte in. Het mag gaan om fictie of non-fictie. Ze mogen daarna kort aan elkaar vertellen over hun leeservaring. Ze mogen het boek mee naar huis nemen om verder te lezen. Het vrij lezen wordt elke schooldag gedaan. Het is immers ook de bedoeling dat de leerlingen op 15 juni een videoclip posten voor de leerlingen van het 5de en het 4de waarin ze reclame maken voor hun favoriete boek: een boek dat anderen leerlingen tijdens de zomervakantie zeker moeten lezen! Op het einde van de schooldag leest de leraar ook het eerste deel voor van een verhaal (bv. uit de taalmethode): op een spannend moment stopt hij. De leerlingen mogen proberen te voorspellen hoe het verhaal zal aflopen. Ze kunnen dat thuis lezen. Ze worden ook uitgedaagd om een alternatief einde te bedenken en dat tijdens de volgende schooldag voor te stellen. De leraar kan uiteraard ook aan het einde van elke schooldag een stukje voorlezen uit een boek en er zo een spannende serie van maken waarnaar de leerlingen uitkijken telkens ze naar school komen.
  6. Wat staat er op de grafiek? (taal, wetenschappen, rekenen, mens en samenleving): De leraar projecteert een aantal grafieken en infographics die hij de afgelopen weken in de media heeft gevonden. De leerlingen proberen telkens in woorden te vatten wat er op de grafiek te lezen valt. Dit kan tevens een aanleiding vormen voor de leraar om de leerlingen te laten verwoorden hoe ze bepaalde rekenkundige bewerkingen uitvoeren (hoe bereken je een percentage? Wat zou promille kunnen betekenen en hoe bereken je het?). Op haar beurt kan dit ook leiden tot een discussie over de beste manier om bijvoorbeeld internationale vergelijkingen te maken tussen landen over hoe hard ze geraakt werden door de coronacrisis.

6 ideeën voor het 6de jaar secundair onderwijs

  1. Klasgesprek: De leerlingen krijgen eerst de kans om te vertellen over de belangrijkste dingen die zij tijdens de lockdown hebben geleerd of hebben meegemaakt. De leerkracht projecteert vervolgens een aantal antwoorden van 17-jarige leerlingen die meededen met het project “De 5 vragen” (de5vragen.com): wat hebben zij geleerd over geluk, over wat echt telt in het leven, over goed onderwijs, over corona? De leerlingen mogen reageren op de boodschappen, als ze zich daarin herkennen, als ze iets gelijkaardigs hebben ervaren, als ze iets willen aanvullen. Eventueel kan aan de leerlingen de huistaak worden gegeven om schriftelijk op 3 van de 5 vragen (naar keuze) te antwoorden en het antwoord aan de leraar te bezorgen of op de website van de 5 vragen te publiceren.
  2. Kan literatuur de wereld redden? (lezen, luisteren, literatuur, menswetenschappen) De leraar toont op het digitale bord twee coronagedichten en leest ze voor (kijk voor nuttige links onderaan dit artikel). De klas vraagt zich af wat de betekenis en functie van de gedichten is. Vervolgens wordt de discussie opengetrokken: wat is de functie van literatuur in crisistijden? Kan literatuur de wereld redden of de mentale gezondheid van mensen bevorderen? De leerlingen delen hun ideeën tijdens een klasgesprek, ze komen in een mindmap op bord. Vervolgens luisteren de leerlingen naar een radio-interview met Lieven Annemans over een onderzoek van de WHO over de impact van kunst op de menselijke gezondheid ( https://radio1.be/kunst-kan-waarschijnlijk-niet-de-wereld-redden-maar-misschien-wel-je-gezondheid). De leerlingen krijgen daarover 3 vragen voor ze luisteren. Ze voorspellen wat het antwoord zal zijn. Ze luisteren een eerste maal, waarna een eerste tussentijdse bespreking volgt. Daarna volgt een tweede beluistering om de overgebleven discussiepunten te beslechten. In de nabespreking bespreekt de leraar samen met de leerlingen bruikbare luisterstrategieën. Deze activiteit kan uitmonden in de vraag aan leerlingen om zelf een (opbeurend) coronagedicht te schrijven.
  3. Debat in open lucht/Pennenstrijd. De leerlingen krijgen een maatschappelijk controversiële stelling (bv. Globalisering moet worden teruggeschroefd. Of: De Belgische regering heeft niet goed gereageerd op de coronacrisis; het mag ook een stelling zijn die niets met het coronavirus heeft te maken). Zeven leerlingen worden willekeurig toegewezen aan de pro-kant en de zeven anderen aan de contra-kant. De leerkracht kondigt aan dat de leerlingen ofwel binnen een week een debat in de open lucht zullen voeren (met iedereen op anderhalve meter en de leraar als moderator), ofwel een schriftelijke pennenstrijd op de digitale leeromgeving (discussieforum) zullen voeren. De klas bepaalt samen de 5 criteria die de leraar zal gebruiken om de kwaliteit van het debat en de bijdrage van elke deelnemer te beoordelen (bv. opinies moeten onderbouwd zijn met argumenten gebaseerd op betrouwbare bronnen). De leerlingen gebruiken de daaropvolgende dagen om hun argumenten te verzamelen op basis van online artikels die ze kritisch doornemen en ook screenen op betrouwbaarheid. Tijdens het debat krijgt elke leerling exact anderhalve minuut spreekrecht krijgt: per kamp mogen maximaal 4 leerlingen telkens 1 argument geven, en 3 andere leden worden ingeschakeld om tegenargumenten te bieden aan de tegenpartij. Het debat wordt gehouden, en nadien door de hele klas besproken aan de hand van de criteria. Tijdens de pennenstrijd krijgen leerlingen een A4 om hun argumenten te beschrijven en op het digitaal discussieforum te posten, en reageren de leerlingen op elkaar met tegenargumenten. Het debat wordt opgenomen, en de pennenstrijd ook gevolgd door leerlingen van andere klassen ( 5de jaars) zodat ook zij aan de hand van dezelfde criteria de kwaliteit van het debat kunnen evalueren. De leerlingen krijgen zo gedifferentieerde feedback op hun prestatie.
  4. Taal in beweging (taalbeschouwing, woordenschat, spreken, luisteren): De leerkracht presenteert een aantal nieuwe woorden die tijdens de afgelopen weken ontstonden (zie de vele links onderaan dit bericht). De klas probeert samen te ontleden op welke manieren nieuwe woorden worden gevormd. De leerlingen mogen vervolgens elk een nieuw woord verzinnen. Ze schrijven het woord op en de omschrijving. Dan volgt een raadspel waarbij een leerling ofwel zijn woord mag geven en de anderen de definitie moeten proberen te geven, ofwel de omschrijving geven. De leraar gaat in op het feit dat taal voortdurend in beweging is en kan vervolgens dieper ingaan op de vraag hoe nieuwe talen ontstaan. De leerlingen kunnen eventueel thuis de artikels over de oorsprong van talen en taalverandering op de website van NPOfocus exploreren (https://npofocus.nl/artikel/7679/hebben-alle-talen-dezelfde-oorsprong) (of op Engelstalige of Franstalige websites) en de volgende les verslag uitbrengen van de belangrijkste nieuwe inzichten die ze hebben opgedaan.
  5. Wie doet beter dan de BBC? (Nederlands, Engels, Frans, technologie, geschiedenis, wetenschappen) De BBC produceerde een aantal uitstekende kennisclips over het coronavirus (bv. over mythes die worden weerlegd, over het nut van mondmaskers, of over hoe je fake news kan ontmaskeren); ook buitenlandse kwaliteitskranten als The Guardian (Engels) en Libération (Frans) boden veel kernachtige, inzichtelijke artikels. Zo vergeleek de Guardian de coronacris met epidemieën doorheen de geschiedenis met de vraag of we het nu wel beter aanpakken? (zie links hieronder) In de klas bekijken de leerlingen 2 van deze Franstalige of Engelstalige clips/artikels en bespreken samen de kenmerken van een steengoede kennisclip/artikel. De leerlingen worden uitgedaagd thuis een gelijkaardige clip in het Nederlands te produceren voor een Vlaams publiek (bv. over een aspect van de Vlaamse exitstrategie) of voor de leerlingen van het 5de jaar. Ze mogen hiertoe online of via Whatsapp met twee samenwerken. In fase 1 bepalen ze hun onderwerp en informeren ze zich. Op de eerste draft van hun script vragen ze feedback van een andere leerling of een ander duo (en van de leerkracht) en ten slotte nemen ze hun definitieve clip op. Een alternatief is dat de leerlingen collectief een coronakrant-, dossier of informatief/spraakmakend artikel schrijven en dat ze die aanbieden aan andere leerlingen. Ook hier is het essentieel dat de leerlingen tussentijdse feedback krijgen, zowel inhoudelijk als vormelijk, en dat ze in de eindfase hun teksten ook vormelijk nauwgezet afwerken.
  6. Een zomerleescampagne! (Lezen, lezen, lezen en schrijven)! De leerlingen schrijven een mail aan het gemeentebestuur of de Vlaamse minister van cultuur om een zomerleescampagne op te starten. De leerlingen worden geconfronteerd met de resultaten van de PIRLS en PISA-resultaten waaruit blijkt dat de leesvaardigheid en leesmotivatie van de Vlaamse jeugd achteruitgaat (zie link onderaan). Ze krijgen de opdracht het artikel kernachtig samen te vatten in een mondelinge elevator pitch van 1 minuut (bv. voor de vijfdejaars die niet naar school komen). Ze krijgen vervolgens de opdracht om met de klas een actieplan te bedenken om tijdens de komende zomermaanden zoveel mogelijk leerlingen tussen 7 en 17 aan het lezen te krijgen. Ze doen een eerste brainstorm in de klas, en krijgen vervolgens de opdracht om thuis de website van “Iedereen Leest” te doorpluizen om tot verdere zinvolle acties te komen. Ze kunnen ook overwegen om een Vlaamse versie van “The Big Read” (https://en.wikipedia.org/wiki/The_Big_Read) op te laten starten. Ze brengen hun voorstellen mee naar de volgende les: dan kunnen ze besproken worden, en kan ook nagedacht worden over de mail of brief die de leerlingen zullen schrijven en die ze zullen bezorgen aan Iedereen Leest, het gemeentebestuur of de Vlaamse overheid. Tijdens het schrijfproces krijgen de leerlingen feedback van andere leerlingen en de leraar.

** Opmerking 1: Bij een aantal lesideeën namen we de schotten tussen de vakken weg. Dat is belangrijk, ook omdat leerkrachten van verschillende vakken dan hun medewerking kunnen verlenen en mee voor de klas staan. Het doorbreken van vakken is ook belangrijk in functie van het realiseren van diverse essentiële doelen van het curriculum***

*** Opmerking 2: Dit zijn opdrachten die de leraar veel kansen geven om te kijken hoe de verschillende leerlingen het er vanaf brengen voor cruciale taalvaardigheden, en welke leerlingen tijdens de opdrachten, en aansluitend, meer gedifferentieerde feedback en gedifferentieerde opvolgopdrachten nodig hebben***

*** Alle opdrachten spelen zich af in een ontspannen, constructieve sfeer. Er mag regelmatig gelachen worden en gevierd dat we weer samen kunnen zijn :-)***

Nuttige links bij de ideeën

Bij 1. https://de5vragen.com/

Bij 2 (basisonderwijs). https://www.ketnet.be/karrewiet/13-maart-2020-alles-over-het-virus of https://www.squla.nl/coronavirus-kindertaal

Bij 2 (secundair):  https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2020/03/17/ik-ben-besmet-met-poezie-daar-zijn-de-eerste-coronagedichten).

Suggesties tot intro bij 4 (secundair):

https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2020/03/24/wat-zullen-we-overhouden-aan-corona-woordenschat-10-a-15-woord/;

https://www.volkskrant.nl/cultuur-media/de-coronacrisis-prikkelt-het-nederlandse-taalgevoel-al-700-nieuwe-woorden~b79d48ab/ of het Coronawoordenboek van Ton Den Boon (https://www.taalbank.nl/2020/03/14/coronawoordenboek/). Een interview met hen was er in Nieuwe Feiten (https://radio1.be/coronahamsteren-hoestschaamte-welke-woorden-zullen-we-overhouden-aan-de-coronacrisis)

Bij 5 (secundair). https://www.theguardian.com/society/ng-interactive/2020/apr/29/how-humans-have-reacted-to-pandemics-through-history-a-visual-guide

Bij 6 (secundair). https://duurzaamonderwijs.com/2019/09/10/de-ontlezing-van-de-vlaamse-jeugd-van-1955-tot-2020/

 

KIJKTIP: Bekijk ook de video van Joanneke Prenger (over de heropstart van het taalonderwijs in Nederland) https://lerarencollectief.nl/portfolio-item/werken-aan-taaldoelen-welke-keuzes-ga-je-maken-joanneke-prenger/

3 gedachten over “Bij heropening scholen: 6 taaltaken voor het 6de leerjaar basisonderwijs en 6 voor het 6de jaar secundair

  1. Taaltaak 7: lees deze blog en bedenk een actieplan om dit in alle scholen /klassen ingang te doen vinden!
    Ik stuur het alvast door! Bedankt Koen!

  2. Een echte BBB-training om je zaterdag te starten. Deze keer geen Buik, Borst en Billen. Wel Bruikbaar, Betekenisvol en Boenk erop!
    Bedankt, Kris!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s