Peiling Frans: waarom het normaal is dat beginnende taalverwervers vormelijke fouten maken

In de pers las ik over de peiling Frans dat Vlaamse kinderen aan het einde van het basisonderwijs allerlei spreektaken in het Frans “inhoudelijk en vormelijk niet correct” kunnen uitvoeren. Eerlijk, als taalkundige verwacht ik niet anders. Neem nu de taak uit de peiling waarbij de leerlingen vijf verschillen tussen twee tekeningen moesten beschrijven. Wie dat moet doen, moet veel deeltaken geïntegreerd uitvoeren. Volgens de modellen van Bygate of Levelt moet deze leerling:

  1. de verschillen tussen de tekeningen registreren en die verbinden met mentale concepten in het langetermijngeheugen;
  2. uit het langetermijngeheugen woorden of woordcombinaties opdiepen waarmee die concepten verbaal en op een begrijpelijke wijze kunnen worden uitgedrukt;
  3. de opgehaalde woorden zo nodig in een bepaalde vorm kneden (bv. meervoudsvorm toevoegen, uitgang aan het werkwoord toevoegen);
  4. de opgehaalde woorden in een aanvaardbare volgorde zetten;
  5. een uitspraakplan voor de opgeroepen sequens van woorden opmaken;
  6. de sequens daadwerkelijk uitspreken;
  7. de uitgesproken sequens monitoren en zo nodig bijsturen;
  8. de reacties van de luisteraar nauwlettend in het oog houden om klaar te zijn voor de eigen reactie daarop.

Het verschil tussen een gevorderd taalverwerver en een beginnend taalverwerver is minstens drieledig: (a) de gevorderde beschikt over een groter taalrepertoire, dus heeft meer doeltaalwoorden en woordcombinaties in het langetermijngeheugen zitten, waardoor de kans vergroot dat er bij stap 2 gepaste woorden worden gevonden; (b) de gevorderde kan vlotter woorden en woordcombinaties uit het geheugen opdiepen, ze vlotter in een bepaalde vorm kneden… omdat hij dat al vaker heeft moeten doen; (c) de gevorderde kan een aantal van de deelprocessen automatisch uitvoeren waardoor er in het werkgeheugen tijd en mentale ruimte vrijkomt om aan andere deelprocessen bewust aandacht te besteden (bv. het toevoegen van de gepaste uitgang). Als gevolg van de combinatie van a, b en c stijgt bij gevorderden de kans gevoelig dat zij boodschappen produceren die niet alleen inhoudelijk, maar ook vormelijk correct zijn.

Voor de meeste beginnende taalverwervers is dit lijstje te lang om af te werken binnen de luttele seconden die hen in face-to-face interactie meestal wordt gegund. Komt daarbij dat de taalgebruiker wil vermijden om gezichtsverlies te lijden en gestresseerd kan reageren op  tijds- en testdruk. Het brein van de beginnende taalverwerver raakt dus overbelast, en dus kiest het voor de deelprocessen die het meest haalbaar lijken binnen de voorziene tijd én waarschijnlijk het meest zullen opleveren qua communicatie: bijvoorbeeld, het ophalen van woorden of woordcombinaties die de betekenis zo goed mogelijk vatten en die gearticuleerd krijgen. En dan zegt een kind (ik neem letterlijk voorbeelden van “fouten” uit het rapport over de peiling): “Il porte une pull et des pantalons rouges” en “On va faire à match de football et la musique à quinze à dix-sept heures..  Beginnende taalverwervers kunnen soms gebruikmaken van een handige binnenweg door kant-en-klare “chunks” die ze ongeanalyseerd in het brein hebben opgeslagen (bv. je ne sais pas) als pasmunt in te zetten. Ze springen dan meteen van stap 2 naar stap 5. Maar die strategie werkt natuurlijk alleen als de opgeroepen chunk goed op de opgave past….

Hoeveel kunnen we dus eisen op het vlak van vormelijke correctheid? De eindtermen Frans basisonderwijs liggen op het niveau A1 van het Europees Referentiekader voor Moderne Vreemde Talen (ERK). Op niveau A1 (aldus het ERK) toont een taalleerder “slechts beperkte beheersing van enkele eenvoudige grammaticale constructies en zinspatronen in een geleerd repertoire”. Op het daaropvolgende niveau A2 gebruikt de taalleerder “bepaalde eenvoudige constructies correct, maar maakt nog stelselmatig elementaire fouten – bijvoorbeeld door verschillende tijden door elkaar te gebruiken en niet te letten op congruentie”. Fouten zijn dus doodnormaal bij het uitvoeren van het soort betekenisvolle spreektaken die in de eindtermen voorkomen.

Grammaticale correctheid stijgt overigens, ook bij beginners, buiten de context van een betekenisvolle taak. Als een leerling de mentale ruimte, en dus de luxe, krijgt om zich uitsluitend te concentreren op vormelijke correctheid (bv. maak van de opgegeven zin “je mange des tartines” een negatieve zin of vul het juiste lidwoord in bij de volgende lijst zelfstandige naamwoorden), dan stijgt de kans op vormelijk succes, precies omdat het brein een veel korter lijstje moet doorploegen. Dat verklaart ook waarom zoveel (beginnende) taalverwervers de transfer van het correct toepassen van een regel in een gerichte grammatica-oefening naar het correct toepassen van diezelfde regel tijdens een betekenisvolle spreektaak zo moeilijk kunnen maken. Want dan is het zoals met autorijden: je moet plots 12 dingen tegelijkertijd doen.

Er gaat geen weg naast: betekenisvolle spreektaken uitvoeren in een vreemde taal is multitasken, en dat is voor elk menselijk brein lastig. Spreektaken inhoudelijk én correct uitvoeren is voor de meeste beginners te hoog gegrepen. Ofwel focussen beginners op vormelijke correctheid, maar dan spelen ze op superveilig qua betekenis of brengen die betekenis slechts onvolledig over, ofwel gaan ze voor de betekenis en dan maken ze vormelijke taalfouten. Het zijn pas gevorderden die dat allebei – en samen – goed kunnen doen. Het lijkt me geen overbodige luxe om dat bij het geven van onderwijs Frans, en bij het testen van beginnende taalcompetenties Frans, in het achterhoofd te houden. Neen, het voorhoofd….

 

 

Meer lezen?

http://eindtermen.vlaanderen.be/peilingen/basisonderwijs/peilingen/frans-2017.htm

Advertenties

One thought on “Peiling Frans: waarom het normaal is dat beginnende taalverwervers vormelijke fouten maken

  1. Dank voor interessant stuk!
    Zou wel zelf een zin toevoegen na “Dat verklaart ook waarom zoveel (beginnende) taalverwervers de transfer van het correct toepassen van een regel in een gerichte grammatica-oefening naar het correct toepassen van diezelfde regel tijdens een betekenisvolle spreektaak zo moeilijk kunnen maken.”
    Namelijk: Automatiseren kan hier wel een belangrijke rol spelen (terugverwijzend naar de cognitive load theory die je eerder vermeldt in je stuk).

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s