Werkt taakgericht taalonderwijs echt? Voor kinderen én volwassenen?

In Language Teaching Research (september 2019) publiceerden Bryfonski & McKay een meta-analyse van de effecten van taakgericht taalonderwijs op de tweede- en vreemdetaalverwerving van taalleerders. Uit de meta-analyse blijkt dat het effect van taakgerichte programma’s sterk is (Cohen’s d: 0,93).

Taakgericht taalonderwijs is een aanpak die uitgaat van de uitvoering van functionele, communicatieve taaltaken die relevant zijn voor de behoeften van de taalleerders. Het expliciet ingaan op grammatica, woordenschat en strategieën maakt een inherent deel uit van een taakgerichte aanpak, in de zin dat de expliciete instructie wordt verbonden en geïntegreerd met de uitvoering van de taaltaak. Uit de meta-analyse blijkt dat de effecten van taakgerichte programma’s zowel gelden voor jonge kinderen als voor volwassenen, en dat ze werden opgetekend in diverse onderwijscontexten. Bryfonski & McKay verzamelden ook studies waarin de leerders én de leerkrachten werden bevraagd over wat zij van de taakgerichte aanpak vonden: in de meeste studies bleken alle partijen positieve uitspraken te doen over de (meer)waarde van een taakgerichte aanpak.

De meta-analyse van Bryfonski & Mckay sluit aan bij eerdere meta-analyses waarin bepaalde aspecten van taakgericht taalonderwijs onder de loep werden genomen. Zo gaven de meta-analyses van Kekh e.a. (2006), Mackey & Goo (2007) en Cobb (2010) al aan dat taakgerichte interactie de verwerving van woordenschat en grammatica bevordert en versnelt. Dit houdt in dat als taalleerders niet alleen expliciete instructie krijgen en elementgerichte oefeningen moeten maken, maar ze ook kansen krijgen om de geleerde taalelementen in onderlinge interactie te gebruiken bij de uitvoering van motiverende, functionele taaltaken, de verwerving van die elementen veel duurzamer en krachtiger is.

Dit doet ook sterk denken aan het doctoraatsonderzoek van Frijns (2017) , die in de kleuterklas naging wat het effect was van de interactiestijl van kleuterjuffen op de prille tweedetaalverwerving van het Nederlands door niet-Nederlandstalige kleuters. Frijns, die onlangs de jaarprijs voor wetenschapscommunicatie ontving, stelde vast dat één bepaalde interactiestijl de taalverwerving van kleuters meer dan andere interactiestijlen voortuitstuwt. Ze noemde die de “actief-productieve interactiestijl” (op basis van onderzoek van Laura Black) en identificeerde de volgende basiskenmerken:

  • De kleuterjuf bouwt rijke gesprekken op rond onderwerpen die de kleuters interesseren en taken die de kleuters uitdagen;
  • De kleuterjuf stelt veel open en uitdagende vragen aan de kleuters, die hen doen nadenken, verklaren, redeneren en verbanden leggen;
  • De kleuterjuf herformuleert in rijkere woorden wat de kleuters proberen te verwoorden (en wat ze in een eerste fase enkel in een- en tweewoordzinnen kunnen);
  • De kleuterjuf vraagt geïnteresseerd door als de kleuter iets zeggen;
  • De kleuter wordt gezien en behandeld als een volwaardige gesprekspartner die interessante dingen heeft te vertellen;
  • De kleuterjuf stimuleert interactie tussen kleuters onderling en buit de heterogeniteit van de klasgroep positief uit (bv. door lagertaalvaardige kleuters veelvuldig met hogertaalvaardige kleuters (taal)taken te laten uitvoeren en interactie te laten gaan);
  • De kleuterjuf biedt systematisch een rijk taalaanbod en oververeenvoudigt de eigen uitingen niet;
  • De kleuterjuf staat open voor het gebruik van de moedertaal door de kinderen.

Opvallend was dat in het onderzoek van Frijns slechts 1 van de 5 gevolgde kleuterjuffen deze interactiestijl vertoonde. Zij concludeerde dan ook dat er via lerarenopleiding en nascholing sterker moet geïnvesteerd worden in de deskundigheid van kleuterjuffen om deze productieve interactiestijl systematisch te hanteren. Het kan (letterlijk) voor de kleuters een wereld van verschil maken. En het water in het taalbad véél warmer…

 

Bronnen:

Bryfonski, L., & McKay, T. (2019). TBLT implementation and evaluation: A meta-analysis. Language Teaching Research, 23, 603-632.

Cobb, M. (2010). Meta-analysis of the effectiveness of task-based interaction in form-focussed instruction of adult learners in foreign and second language teaching. Unpublished doctoral dissertation. University of San Fransisco, CA  USA.

Frijns, C. & Jaspaert, K. (2017). Het kwik van de kinderen. Over het stimuleren van taal leren in de kleuterklas. In K. Jaspaert & C. Frijns (red.), Taal leren. Van kleuters tot volwassenen (pp. 45-76). Tielt: Lannoo Campus.

Kekh, C. et al (2006). Investigating the empirical link between interaction and acquisition: A quantitative meta-analysis. In L. Ortega & J. Norris (Eds.), Synthesizing research on language learning and teaching (pp. 91-131). Amsterdam: John Benjamins.

Mackey, A., & Goo, J. (2007). Interaction research in SLA: a meta-analysis and research synthesis. In A. Mackey (Ed.). Conversational Interaction in Second Language Acquisition (pp. 407-452). Oxford: Oxford University Press.

 

 

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s